Moestuin

Rare tuinboon

Afgelopen week lag er nog een flink pak sneeuw op de bedden van mijn moestuin. Boontjes kunnen daar absoluut niet tegen. Slabonen en snijbonen zijn per direct zwart en dood wanneer de buitentemperatuur onder het vriespunt komt. De tuinboon trekt zich hier niets van aan, die groeit gewoon door. Hoe zit dat nou eigenlijk?

Stel dat ik een spade de grond in had kunnen krijgen, dan had ik afgelopen week mijn tuinbonen zelfs in de volle grond kunnen zaaien. Helaas was de grond keihard en stijfbevroren, dus ik moest op zoek naar andere oplossingen. Om die reden heb ik mijn tuinbonen dit jaar voorgezaaid in trays. Ze staan in mijn onverwarmde kas tot de grond is ontdooid. Dan plant ik ze uit.

Waarom die haast? Tuinbonen kúnnen niet alleen in het hele vroege voorjaar worden gezaaid, het móet eigenlijk ook. Ergens in juni steekt namelijk de zwarte luis de kop op en die weet altijd je tuinbonen te vinden. Aan die zwarte luis is weinig tot niets te doen en het enige alternatief is dus eigenlijk eerder zijn dan de luizenplaag. Ook in de afgelopen jaren heb ik zwarte luizen in mijn tuinbonen gehad. Je kunt het een tijdje volhouden door met de tuinslang zoveel mogelijk luizen weg te spuiten, maar uiteindelijk winnen ze het toch. Zo vroeg mogelijk beginnen is eigenlijk de enige optie, zeker als je geen gebruik wil maken van bestrijdingsmiddelen.

Herkomst

Die tuinboon is een heel oud boontje. Ruim zesduizend jaar geleden werd de tuinboon al gegeten in het gebied rond de Middellandse Zee. De boontjes waren toen nog wel een stuk kleiner dan wij tegenwoordig van de tuinboon gewend zijn. Bij opgravingen in Israel zijn ze voor het eerst gevonden. In Europa stond de tuinboon ook al vroeg op het menu. Zelfs al voor het jaar 1492 zat men aan deze kant van de wereld aan een bordje tuinbonen.

In Nederland worden tuinbonen traditioneel gegeten met bonenkruid. Ik gebruik bonenkruid vaak in pastasauzen, maar de naam van het kruid is dus niet zomaar uit de lucht komen vallen. Tuinbonen met bonenkruid zijn bedoeld om met elkaar te combineren en na een experiment blijkt dat het ook een hele goede combinatie is.

De smaak van verse tuinbonen is fantastisch! Althans, dat vind ik. De meningen schijnen daar enorm over uiteen te lopen, want veel mensen houden niet van de licht bittere smaak van deze groente. Mocht je niet van bitter houden, ga dan eens op zoek naar de witte tuinboon. Vaak zie je rassen die groenig zijn en bruin kleuren wanneer je ze kookt. Dat zijn de rassen met een bittere nasmaak. De witte varianten blijven wit na koken en smaken exact als de groene, maar dan zonder het bittere randje.

In mijn tuin heb ik elk jaar een paar flinke rijen tuinbonen staan. Ze groeien fantastisch en vergen niet veel van je grond. Een beetje bijmesten op een paar momenten in het seizoen vinden ze overigens wel fijn.

Als het even kan, maak ik in de zomer een menestra van onder meer tuinbonen. Dit Spaanse gerechtje kun je naar eigen wens samenstellen uit verschillende seizoensgroenten, maar tuinbonen doen het er ontzettend goed in. Evenals gebakken stukjes serranoham trouwens.

Maar nu?

Ik heb mijn tuinbonen voorgezaaid omdat ik weinig keuze had in verband met de bevroren grond. Dit kan prima, maar ik moet opletten dat ik niet te lang wacht met uitplanten wanneer de jonge scheuten boven de grond staan. Tuinbonen wortelen namelijk snel en diep. De trays die ik gebruik, zijn simpelweg te ondiep en dan lopen mijn jonge plantjes al vrij snel wortelschade op. Je hebt nog tot eind februari voordat je echt in de knel komt met de zwarte luis later in het seizoen. Dus mocht het nu opeens ontzettend mooi weer worden, dan kun je ze alsnog in de volle grond zaaien.

Een foodie bij uitstek. een voorvechter van authentieke smaken en technieken. Hij heeft een enorme moestuin, fermenteert, weckt , droogt, kookt en bakt alles zelf. Hij gaat op zoek naar de oorsprong van gerechten en ingredienten en kookt het liefst buiten.

 107 Posts 26 Comments 78731 Views

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *