MoestuinTechnieken

Van stuifmeel tot honing. Alles over de bij deel 2

Afgelopen week kon je hier het eerste deel lezen van de avonturen die ik beleefde als assistent-imker in de achtertuin van Albert Wup. Albert is inmiddels ruim twintig jaar in het bezit van bijenvolkjes, haalt liters eigen honing en is één brok kennis op het gebied van de bij. Vandaag deel twee, waarin we daadwerkelijk honing uit de bijenkasten gaan halen.


We staan allebei klaar in ons imkerpak. Een soort dikke, witte trui met een hoed eraan vast en voor mijn gezicht een stukje gaas dat de hoed en de trui met elkaar verbindt. Verder draag ik een paar sterke, leren handschoenen en op aanraden van Albert heb ik mijn broekspijpen diep in mijn laarzen gestopt.

Nu gaan we het deksel van de eerste bijenkast halen. Wup lurkt aan zijn pijp en blaast nog wat extra rook uit, voordat hij de kast openmaakt. Honderden bijen krioelen over de raten die in het bovenste deel van de bijenkast staan. Maar ze blijven rustig. Zo hier en daar vliegt een bij voorlangs het gaas in mijn pak, maar het is geen bestorming zoals ik had verwacht.

Wup tilt de raten één voor één uit de kast, veegt met een soort stoffer de bijen eraf en geeft ze vervolgens aan mij. Ik zet ze op mijn beurt weer in een rek om ze straks van honing te ontdoen. Het verbaast me hoe zwaar sommige raten zijn. “Wanneer een raat mooi is afgesloten, zit er heel veel honing in.

Met bijenwas wordt een soort dekseltje gemaakt om elke cel in het raat af te sluiten.” Een soort enorme voorraadkast dus.

Op zoek naar de koningin

Nadat we de volle raten uit vier kasten hebben vervangen door lege raten, gaan we in de laatste kast op zoek naar de koningin. Dit is belangrijk en moet één keer in de dertien dagen gebeuren.

“Een koningin is eigenlijk een gewone werkbij, die ander voedsel krijgt. De zogenaamde koninginnegelei of royal jelly. Hierdoor groeit ze uit tot koningin. Aangezien een bijenkoningin er dertien dagen over doet om van larve tot bij uit te groeien en bijen de neiging hebben om constant uit te breiden, moet je dit vaak controleren. Wanneer je te laat bent en zich een tweede koningin heeft ontpopt in de kast, kan er ruzie ontstaan, waarbij de huidige koningin wordt doodgestoken, of wordt verjaagd. Wanneer dit laatste gebeurt, vertrekt de huidige koningin met een deel van haar volk en krijg je dus een zwerm. Het kan overigens ook heel goed zijn, dat de nieuwe koningin vertrekt met een deel van het volk.” Aldus Albert

Een bijenkast bestaat doorgaans uit twee delen. De bovenste helft bestaat uit de raten die we zojuist hebben geleegd. Dat zijn eigenlijk de voorraadkamers van het bijenvolk. De onderste helft bestaat ook uit raten, maar deze maak je nooit leeg. Hier woont de koningin en dit is feitelijk de kraamkamer van het bijenvolk. Hier worden de larven grootgebracht en hier zitten dus ook de poppen waarin misschien wel een nieuwe koningin wordt grootgebracht. We gaan op zoek in het onderste deel van de kast en vinden uiteindelijk de koningin. Deze is gemerkt met een roze stickertje op haar achterlijf. Ze is ook een flink stuk groter dan haar werkbijen. Daarnaast prikken we een aantal cellen stuk waarin koninginnegelei wordt verzameld. Ook een paar darrencellen worden door Albert weggehaald. Een bijenvolk heeft eigenlijk geen darren nodig, omdat deze alleen van belang zijn voor het bevruchten van de koningin, maar dat is natuurlijk al lang geleden gebeurd.

De kast mag weer dicht en de volle raten die we zojuist hebben verzameld, moeten worden leeggemaakt. Maar eerst nog een bakje koffie.

Bijensterfte

Ik heb het met Albert Wup over de bijensterfte. Een onderwerp dat de laatste jaren steeds vaker de kop op steekt. De bijen vormen een hele belangrijke schakel in ons eco-systeem en wanneer ze zouden uitsterven, blijft er maar heel weinig voedsel over voor ons als mensheid om te overleven.

“De Varroamijt is een boosdoener, dit is een klein beestje dat zich vestigt op het lijf of borststuk van de bij. Deze mijt maakt daar een klein gaatje omdat ie zich voedt met een stofje uit het lichaam van de bij. Nu is dit niet per definitie dodelijk voor de bij, maar het gaatje in het lijf van de bij groeit niet meer dicht. Hierdoor kunnen ziekten het lichaam van de bij binnendringen en daardoor verzwakt deze of gaat zelfs dood. We hebben het zelf veroorzaakt dat deze mijt in Europa voorkomt. In Azie komt deze mijt van nature voor. Doordat we bijenvolken van en naar Azië hebben getransporteerd, heeft de Varroamijt mee kunnen liften. Nu plukken we daar de wrange vruchten van.” Aldus Wup.

En landbouwgiffen dan? “Vroeger mocht er veel meer troep worden gebruikt om het onkruid van je oprit weg te krijgen dan tegenwoordig is toegestaan. Roundup was de meest fantastische uitvinding ooit in die tijd. Mensen zeiden dat het net zo veilig was als kraanwater en dat je het zelfs zou kunnen opdrinken. Tegenwoordig weten we wel beter, maar er zijn nog steeds veel mensen die dat soort ellende gebruiken. Een bevriende imker is in een jaar een flink aantal volken kwijtgeraakt door plotselinge sterfte. Je kunt het niet met honderd procent zekerheid zeggen, maar na wat onderzoek bleek zijn buurman fanatiek met chemicaliën tekeer te gaan om zijn tuin en terras onkruidvrij te houden.”

Na de koffie en dit tamelijk trieste verhaal, gaan we de schuur in. Hier staat een soort grote centrifuge van roestvrij staal. Het is een honingslinger. Op een werkbank in de schuur heeft Wup een mooi rekje staan waar de raten uit de bijenkasten precies in kunnen staan. Nu krijg ik een soort rastakammetje waarmee de dekseltjes van de raten moeten worden verwijderd. “De was die ik eraf steek, bewaar ik en zet ik in schalen weer voor de bijenkasten. Zo kunnen de bijen dit snel weer verzamelen om nieuwe raten mee af te sluiten. Zo hoeven ze het niet weer helemaal zelf opnieuw te maken.

Wanneer alle cellen aan beide kanten van een raat zijn opengemaakt, kan de honing eruit. Het raat wordt rechtop in de centrifuge gezet, samen met nog twee van deze raten. En nu gaat het slingeren beginnen. De slinger die aan de bovenzijde van de centrifuge zit, drijft de trommel met raten aan. En daar komt redelijk wat kracht bij kijken. Honingslingeren dus! Ik draai aan de slinger en zie in de trommel de honing verschijnen. Na een paar minuten moeten de raten worden omgekeerd, want bijen bouwen cellen aan beide zijden van een raat. Ook deze slinger ik leeg en de lege raten mogen nu uit de centrifuge. Het door de bijen gebouwde raat blijft op deze manier keurig intact.

Wanneer deze raten over een tijdje weer de kast in mogen, hoeven de bijen niet weer hele nieuwe raten te bouwen. “Een honingraat is iets fascinerends. Met een soort wiskundige precisie bouwen de bijen exact even grote cellen tot een raat dat uit allemaal perfecte zeshoekjes bestaat. Het maakt niet uit waar ter wereld je een bijenkorf of -kast openmaakt. Je zult overal exact hetzelfde aantreffen. Van de jungle in Zuid-Amerika, tot een wild bijenvolk in Afrika. Allemaal maken ze de perfecte zeshoekjes.” Aldus Wup.

Ondertussen zet ik de kraan aan de onderzijde van de centrifuge open en kijk vol bewondering naar de honing die als een soort gouden waterval in de zorgvuldig geplaatste emmer stroomt. Wanneer deze emmer vol zit, gieten we hem leeg in een heel fijn zeef. “De gezeefde honing is nu klaar om in potten te doen. Honing is helemaal puur en hygiënisch. Bijen werken zó schoon, dat je niets meer hoeft te doen aan het pure product voor je het kunt consumeren of conserveren.”

Ik ben gefascineerd door de bijen en alles wat erbij komt kijken. De rol die ze spelen in ons eco-systeem. De nauwkeurigheid waarmee ze werken en hoe ijverig ze zijn in het werk.

Nog even wat weetjes op een rij:

  • Een werkbij is onzijdig en leeft in het voorjaar en de zomer ongeveer drie weken. Na deze drie weken zijn de vleugels versleten en gaat de bij dood.
  • In deze drie weken vliegt de werkbij bij goed weer, ongeveer vijf kilometer per dag. In de winter vliegen bijen niet uit, maar sluiten ze de korf of kast helemaal af.
  • De populatie van een bijenvolk neemt dat af naar ongeveer vijfduizend bijen.
  • Diezelfde werkbij leeft in de winter een half jaar in plaats van drie weken.
  • Een bijenkoningin leeft ongeveer drie jaar en doet niets anders dan nakomelingen op de wereld zetten. In de zomerdagen kunnen dit wel negentienhonderd eitjes per dag zijn.
  • Een bijenvolk kan in een zomer tot wel driehonderd kilo honing ophalen.
  • Zeventig van de honderd plantensoorten die ongeveer negentig procent van de mensheid voedt, worden bestoven door bijen.
  • Sinds 1950 neemt de bijenpopulatie wereldwijd af. Sinds 1980 gaat het zo snel met de bijensterfte, dat wetenschappers zich serieus zorgen maken.

Een foodie bij uitstek. een voorvechter van authentieke smaken en technieken. Hij heeft een enorme moestuin, fermenteert, weckt , droogt, kookt en bakt alles zelf. Hij gaat op zoek naar de oorsprong van gerechten en ingredienten en kookt het liefst buiten.

 137 Posts 31 Comments 183069 Views

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *